Leerovereenkomst of alternerende overeenkomst

Via een praktijkopleiding in een onderneming kan een jongere een beroep leren van een leermeester. Daarvoor sluit hij een leerovereenkomst met de leermeester of, sinds 1 september 2015 en enkel in de Franse Gemeenschap en het Waalse Gewest, een alternerende overeenkomst met een onderneming én een opleidingscentrum.

Naast de praktijkopleiding krijgt de jongere 1 dag per week theoretische vorming. De alternerende opleiding bestaat ook uit een theoretische gedeelte.

Van 15 tot 18 jaar

Je kind heeft onvoorwaardelijk recht op kinderbijslag tot 31 augustus van het jaar waarin het 18 wordt (tot het einde van de leerplicht). Na 31 augustus kan het nog recht hebben op kinderbijslag onder bepaalde voorwaarden.
Zo kan je kind tot 18 jaar werken zonder gevolgen voor de kinderbijslag.

Voorbeeld
Manon wordt 18 jaar in oktober. De kinderbijslag wordt zonder voorwaarden toegekend tot 31 augustus en mét voorwaarden vanaf 1 september.

Van 18 tot 25 jaar

Je hebt recht op kinderbijslag voor de leerjongen of het leermeisje als de leerovereenkomst (of leerverbintenis) erkend is door een opleidingscentrum van de middenstand  (of een dienst voor de integratie van personen met een handicap) en gecontroleerd wordt door de leertrajectbegeleider (of door de dienst voor de integratie van personen met een handicap).

Als de leerling ziek is of het slachtoffer wordt van een arbeidsongeval tijdens de leerovereenkomst, blijft hij recht hebben op kinderbijslag zolang de overeenkomst loopt.

Je hebt ook recht op kinderbijslag voor je kind als het een alternerende overeenkomst gesloten heeft (in de Franse Gemeenschap of het Waalse Gewest vanaf 1 september 2015).

Opleidingscentra van de middenstand:

  • het Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming (SYNTRA)
  • het Institut wallon de formation en alternance et des indépendants et PME (IFAPME)
  • het Institut für Aus- und Weiterbildung im Mittelstand und in KMU (IAWM)

Integratiediensten voor personen met een handicap:

  • het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH)
  • de Brusselse dienst Personne Handicapée Autonomie Retrouvée (Phare)
  • het Agence wallonne pour l'intégration des personnes handicapées (AWIPH)
  • De Dienststelle für Personen mit Behinderung (DPB)

Om het recht op kinderbijslag niet te verliezen, mogen de inkomsten uit de leerovereenkomst, de alternerende overeenkomst, ander werk en/of een sociale uitkering samen niet hoger liggen dan € 541,09 EUR per maand (geïndexeerd brutobedrag). Het aantal werkuren maakt voor de kinderbijslag geen verschil.

Deze inkomsten tellen niet mee voor de inkomensgrens:

  • vakantiegeld;
  • maaltijdcheques;
  • aanvullend loon van een beschutte werkplaats;
  • verplaatsingskosten;
  • kledijvergoeding;
  • voordelen van een vrijwillige militaire inzet.

Aandacht!

Als de erkenning van de leerovereenkomst geweigerd of ingetrokken wordt of de leerovereenkomst verbroken wordt, kan het kinderbijslagfonds nog kinderbijslag toekennen onder bepaalde voorwaarden.

Voor of na de periode waarin een jongere met een alternerende overeenkomst in een onderneming werkt, kan hij ook recht op kinderbijslag hebben, maar enkel op voorwaarde dat de opleidingsperiodes door het opleidingscentrum erkend zijn.